Eén van de meest bedreigde dieren

ZooParc mag dit jaar vijf uiterst zeldzame mhorrgazellen verwelkomen.

Van deze soort zijn er wereldwijd slechts zo’n 500 over. Met de komst van de vijf dieren, een mannetje en vier vrouwtjes, kan het dierenpark in Overloon een bijdrage leveren aan het behoud van deze soort.  

Een halve eeuw geleden stierven de mhorrgazellen, die oorspronkelijk voorkwamen in de gehele Sahara, bijna uit doordat er op deze dieren werd gejaagd door stropers. De Spaanse legeraanvoerder en fotograaf José Antonio Valverde kwam de soort tijdens zijn onderzoekreis in Afrika tegen. Hij zette in 1971 een reddingsactie op en bracht de laatste overgebleven dieren naar Spanje.  

Credits; ZooParc Overloon
Managementprogramma 

Dankzij het Europese managementprogramma zijn er momenteel weer een paar honderd dieren. Deze leven verspreid over 23 dierentuinen in Europa. Ook zijn er twee speciale centra in Spanje en de Verenigde Arabische Emiraten. Dankzij dit Europese managementprogramma zijn er ook weer dieren uitgezet in het wild. Roel Huibers, general manager, laat dan ook weten: “We zijn erg blij dat dat we kunnen bijdragen aan het behoud van deze soort.” 

ZooParc is straks slechts de tweede plek in Nederland waar mhorrgazellen te zien zullen zijn. De vijf dieren, die afkomstig zijn uit dierentuinen in België, Franrijk en Duitsland, zullen te zien zijn in het Afrikaanse expeditiegebied Ngorongoro.  Ze komen in een bestaand verblijf, dat de komende weken speciaal voor het vijftal opnieuw wordt ingericht. Steven van den Heuvel, hoofd dierenverzorger, vertelt: “Mhorrgazellen komen uit de woestijn. Daarom zal er ook een groot zandgedeelte komen, waarin ze heerlijk kunnen vertoeven.” Ook wordt er een schuilhut gebouwd, waar de gazellen kunnen schuilen met slecht weer. Ze zullen hun verblijf delen met twee struisvogels. Ook deze dieren zijn nieuw in ZooParc.  

Grootste gazellesoort 

De mhorrgazelle is een van de ondersoorten van de damgazellen, de grootste onder de gazellen. De schouderhoogte van de mhorrgazelle is vijfenzeventig centimeter en hij kan 1,6 meter groot worden. Zowel de mannetjes als de vrouwtjes hebben hoorns. De hoorns zijn geringd en kunnen twintig tot veertig centimeter lang worden. Gemiddeld wegen deze dieren rond de vijfentachtig kilogram. De gazellen hebben een bruine rug en nek en hun buik en poten zijn wit. Bij de meeste van deze soort loopt er nog een dunne bruine streep van de rug door naar de poten.  

Oorspronkelijk leefden deze gazellen vooral in Marokko, Senegal en Sudan. In droge tijden leven de dieren vaak in kuddes van tien tot dertig dieren, terwijl in het regenseizoen een groep uit honderd of meer gazellen kan bestaan. Het zijn schuwe dieren en ze komen vooral voor in open en droge gebieden, zoals op de Sahara. Ze trekken veel rond in deze gebieden om aan genoeg voedsel te komen.  

Schoonheid 

De naam gazelle komt van het Arabische woord “gazal”. Dit woord is een symbool van de liefde en werd dan ook vaak gebruikt in liefdesgedichten in het oude Perzië. Daarnaast wordt “gazal” ook geassocieerd met vrouwelijke schoonheid. Van den Heuvel vertelt dan ook: “Gazellen worden gezien als sierlijke dieren, dus mede daaraan hebben de dieren deze naam te danken.”